X
Nieuws Patiënten
‘Kwaliteit van leven gaat over de patiënt, maar ook over de familie’

‘Kwaliteit van leven gaat over de patiënt, maar ook over de familie’

geplaatst: 21-12-2017
In ‘Blikvangers’ vertellen professionals over palliatieve zorg. Deze keer Jan Willigenburg, verpleegkundige in het zorghospice van Zonnehuis Amstelveen.

Wat is het verschil tussen een zorghospice en regulier hospice?
‘Bij een regulier hospice is de financiering meestal geregeld vanuit particuliere fondsen. En hospices worden grotendeels gerund door vrijwilligers, de medische zorg kopen ze in. Een zorghospice in een verpleeghuis maakt deel uit van een zorginstelling. Daar verlenen verpleegkundigen de zorg. Verder geldt voor opname in een hospice als indicatie dat iemand binnen drie maanden overlijdt. Mensen die opknappen mogen meestal niet veel langer blijven. Wij kunnen de termijn vaker verlengen; soms blijft iemand een half jaar tot een jaar.’

Is het zo moeilijk in te schatten hoe lang de laatste levensfase duurt?
‘Ja, dat verschilt sterk per persoon en ook de omstandigheden spelen mee. Mensen die we vanuit de thuissituatie opnemen, hebben soms te weinig voeding of zorg gehad. Krijgen ze die alsnog, dan sterken sommigen weer aan. Bij mensen met hartfalen komt dat zeker voor. Patiënten die vanuit het ziekenhuis bij ons komen zijn vaak al terminaal. Soms verhuist een bewoner vanuit het verpleeghuis naar onze unit, maar alleen als het op de afdeling niet meer gaat. We proberen te voorkomen dat mensen in de laatste fase nog worden verplaatst.’

De zorg in hospices staat hoog aangeschreven, die in verpleeghuizen niet. Hoe kijk jij daarnaar?
‘Wij zijn gebonden aan de werkwijze en budgetten van het verpleeghuis. Desondanks denk ik dat we zogezegd “warme zorg” bieden, waarbij 24 uur per dag verpleegtechnische zorg is gewaarborgd. Iedereen in ons team heeft bewust gekozen voor de specialisatie palliatieve zorg. De kwaliteit van leven voor de patiënt staat centraal, maar je neemt ook de familie mee in het verhaal. Een groot deel van ons werk bestaat uit uitleggen wat er gebeurt.’

Wat gaat volgens jou goed in de palliatieve zorg?
‘De grootste winst zie ik in het groeiende maatschappelijke besef dat palliatieve zorg complementair is aan medische zorg. De palliatieve fase maakt deel uit van iemands leven en van de mensen om hem of haar heen. Dat gaat verder dan kijken naar een patiënt die in bed ligt en niet meer beter wordt. Ik vind het goed dat daar meer aandacht voor is gekomen.’

Waar maak je je zorgen over?
‘Het wetsvoorstel van D66 spreekt me in theorie aan – het idee dat je zeggenschap hebt over wanneer je leven voltooid is. Maar er schuilt een groot risico in. Dat mensen gaan denken dat je euthanasie op bestelling krijgt. Of dat de familie het naar vindt om een geliefde te zien lijden en de “schuld” bij de zorgverleners legt. Zo kan druk ontstaan om sneller een einde te forceren. Terwijl het lijden, hoe aangrijpend ook, deel is van een groter geheel. Juist in die laatste dagen ontstaat vaak bijzonder contact tussen mensen, zit de patiënt nog met levensvragen. Ik zou willen dat het daar vaker over gaat in de debatten.’ 


Theme picker

Landelijk nieuws

  Zoeken